Anekdotes

Inzending door Rien Smits:

Ik ben 1 januari 1976 bij de AVD gestart en kreeg dus ook een vaste maat toegewezen. Ik werd gekoppeld aan Guus de Wit en samen moesten we er wat van gaan maken.
Guus werd mijn mentor en mijn maat en samen hebben wij denk ik 2 jaar op de Porsche gereden. We hadden een goede band met elkaar. We hebben ook vele leuke gebeurtenissen meegemaakt en beleefd, maar ook hele ernstige en zeer ingrijpende. Door die ingrijpende gebeurtenissen waren we nog meer op elkaar aangewezen en dan ontstaat er een nog nauwere band met elkaar.
In 1977 werd Guus gevraagd om vaste chauffeur/beveiliger van de heer van Vollenhoven te worden.
Guus woonde in Apeldoorn en zo ook de heer van Vollenhoven. Er was over nagedacht en Guus aanvaardde de functie en dat werd dus afscheid nemen.
Eén van de laatste dagen bij de groep Surveillance Autosnelwegen (SAS) verzochten we aan planning om die dag op de Veluwe te mogen surveilleren, de A28, A1 en A50. De Veluwe was een mooi, uitgestrekt en rustig traject.
’s-Avonds wilden we dan lekker transjes biefstuk gaan eten bij restaurant Zondag in Garderen, één van de rustadressen op de Veluwe. Al onze wensen werden gehonoreerd en we hebben ons heerlijk vermaakt op de Veluwe.
Lekker surveilleren, even schouwen op strand Nulde, de spits meedraaien en na de spits lekker eten bij restaurant Zondag en ook daar afscheid nemen.
Vervolgens na het diner weer surveilleren, afscheid nemen bij enkele tankstations, nog even lekker vol gaan op de A50 en A1 en nog even wat testjes met de Porsche bij Stroe/Garderen.
We hadden een leuke middag/avonddienst en maakten aanstalten rond de klok van 22.00 uur rustig  richting Driebergen te gaan om dan rond 22.30 binnen te lopen en 23.00 einde dienst.

We hadden het nog niet tegen elkaar gezegd of we werden opgeroepen door Alex om naar een “ongeval met” te gaan op de noordbaan van de A1 ter hoogte van verkeersplein Hoevelaken. We reden ongeveer ter hoogte van Barneveld op de A1, dus we waren niet ver weg.
Ter plaatse gekomen, troffen we 2 beschadigde voertuigen aan op de vluchtstrook onder het viaduct van het verkeersplein. Ik stapte uit en ging naar de bestuurders om de situatie te bekijken voor de nodige info enz. enz. Guus bleef bij de dienstauto/mobilofoon en informeerde inmiddels Alex. Ik sprak de bestuurster van voertuig A en zij was zichtbaar niet of nauwelijks gewond. Toen naar de bestuurder van voertuig B. Een oudere man met nekklachten, in de war, een kapotte neus, mogelijk een lichte hersenschudding. Beide voertuigen waren zodanig beschadigd, dat deze moesten worden afgevoerd.

Ik vroeg Guus een ambulance te laten komen en 2 oprijwagens voor de afvoer van de voertuigen. Ik ben weer naar de patiënt, de oudere man gegaan en me om hem te bekommeren. Zijn papieren gevraagd. De man was behoorlijk in de war en versuft en had pijn. Ik probeerde toch met hem te communiceren. Ik zag op zijn rijbewijs dat hij de Wit heette. Even later kwam Guus er ook bij.

En toen kwam de reactie van Guus.
Hé pap, hé pap, joh pap, wat is dit nou? De bestuurder de heer de Wit was de vader van Guus.
Ik maakte plaats en Guus kroop naast zijn vader. Beiden overstuur en zeer geëmotioneerd.
Guus is met zijn vader meegegaan naar het ziekenhuis. Ik heb de aanrijding afgehandeld en genoteerd. De andere bestuurster ging mee in de oprijwagen en haar thuisreis werd verzorgd. Later die nacht heb ik Guus opgehaald in het ziekenhuis van Amersfoort. Met zijn vader is het goedgekomen. Dit was onze laatste surveillancedag, welke leuk begon en wat minder leuk eindigde, maar.…….uiteindelijk is het toch goed afgelopen.

Dit verwacht je toch niet als je bij een algemene verkeersdienst en landelijk werkt.

Was het een toevallige gebeurtenis of was dit het lot?

 

 

Scroll Up
Terug